Die dagen

Die dagen

We naderen de feestdagen. Hoewel veel mensen er naar uitkijken, is een vaak gehoorde verzuchting in onze therapiekamer ook: ‘ik wou dat die dagen al voorbij waren’. Hoofdzakelijk wordt met die dagen Kerstdag en Nieuwjaar bedoeld. Hoe komt het toch dat we het soms zo moeilijk hebben in die periode? Feesten zou leuk en gezellig moeten zijn. Het zou een moment moeten zijn van samenkomen en mekaar ontmoeten, bijpraten. Want tijdens de dagdagelijkse drukte komt dat er vaak niet van. Maar – naast het vieren van feest – leggen zo’n dagen een extra druk op de positie die je inneemt binnen je familie. De manier waarop zij jou zien en hoe jij naar jezelf kijkt kan nogal eens verschillen en dit kan aanleiding zijn tot wrijvingen die tussen de verschillende schotels door een wrange bijsmaak geven.

Je stelt je bij feesten niet onmiddellijk eenzaamheid voor. Iedereen komt samen, er is veel of minder volk, je bent zeker niet alleen. Toch kun je die eenzaamheid misschien des te meer aanvoelen. Als je in het dagelijks leven al geen goeie aansluiting vindt bij je familie, dan zeker niet op feestdagen waar iedereen zich in zijn positie probeert te handhaven. Mensen zijn gewoontedieren. Meestal wordt het feest gevierd op een manier zoals het elk jaar gevierd wordt. Er sluipt een routine in de manier van vieren. De plaatsen aan tafel bijvoorbeeld, liggen in sommige families gedurende jaren vast. Je weet dat als oom Piet een opmerking geeft, hij verwacht dat je lacht. In de ene familie worden tussen het eten door de geschenken uitgedeeld, in de andere familie komen de geschenken pas na het dessert. Bepaalde onderwerpen zijn niet bespreekbaar aan de familietafel. Allemaal dingen die exact op dezelfde manier ‘moeten’ verlopen. Zo niet dan is het evenwicht zoek.

Dat er een routine gegroeid is in het omgaan met mekaar voelen we het meest als er bijvoorbeeld een lief voor het eerst mee aanschuift. Plots kom je naast of voor iemand anders te zitten aan tafel. Of, je kunt het ook merken bij het eerste feest na een groot verlies. Wat doe je met de plaats waar de overledene altijd zat? Laat je die innemen door iemand anders? Verschuif je iedereen? Kun je het overlijden ter sprake brengen, is er ruimte voor het gemis? Of wordt het gemis compleet genegeerd want… het is feest? Feesten en eenzaamheid, feesten en verdriet zijn dus effectief vaak onderwerpen van gesprek in onze therapiekamer. Hoe leer je daarmee omgaan?

Als je je zelf eenzaam voelt, probeer dan in de eerste plaats heel dicht bij jezelf te blijven. Toon wat je wil tonen, scherm je af als het onveilig voelt. Probeer niet aan ieders verwachtingen te voldoen, maar doe wat goed aanvoelt. Heb je oog voor iemand in de familie die zich niet zo goed voelt? Geef dan een kleine blijk van herkenning en waardering. Dit kan ook zonder dat anderen het merken. Je kunt een knipoogje geven, of misschien een schouderklopje in het voorbijgaan. Mensen die daar nood aan hebben kunnen met zo’n signaal soms al een eind verder.

Ben je iemand verloren en heb je daar nog veel verdriet over? Wees dan vooral zelf duidelijk in wat je wilt en wat je niet wilt. Mensen zijn soms onhandig in hun benadering omdat ze niet altijd weten hoe ze het verlies ter sprake kunnen brengen. Misschien kun je er zelf over beginnen en meteen aangeven wat je prettig vindt: er al of niet over spreken. Hoe spreek je zelf iemand aan die aan de feesttafel mee aanschuift en waarvan je weet dat hij/zij het moeilijk heeft? Een knipoog, een schouderklop, een glimlach kan ook hier wonderen doen. Wil je er woorden aan geven maar weet je niet de welke, dan kan een zinnetje als: ‘ik weet niet goed wat zeggen, ik kan me voorstellen dat het niet gemakkelijk is voor je om hier te zijn’ een opening zijn tot gesprek.

Iemand die recent een verliessituatie meemaakte en nog volop aan het rouwen is, kun je moeilijk een ‘gelukkig Nieuwjaar’ wensen. Geluk is een woord dat momenteel niet aan de orde is voor deze persoon. Je kunt wel een kaartje afgeven of opsturen zonder voorgedrukte boodschap maar waarop je een herinnering beschrijft aan de overleden persoon. Je kunt er misschien ook een kaarsje bij geven als symbool. Of misschien vind jij wel andere symbolen.

Als je het lastig hebt tijdens de feestdagen, zorg dan goed voor jezelf. Zie je mensen die het lastig hebben, wees dan vriendelijk voor hen. En vooral: probeer te relativeren. Een bloedband kies je niet zelf. Familie kies je niet zelf. Zielsverwanten binnen één familie zijn zeldzaam. Daarom is het goed om een goeie vriendenkring uit te bouwen waar helemaal niets ‘moet’ en waar je jezelf kunt zijn. Simone de Beauvoir stelde haar eigen familie samen. Misschien een ideetje ook voor jou?

Wil je nog meer lezen over hoe je de feestdagen kunt overleven? Klik dan op:
http://coachjan.be/zo-overleef-je-jouw-familiefeest-als-het-een-pijnlijke-verplichting/

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>